ECLI:NL:CRVB:2013:CA0757
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging intrekking en terugvordering bijstand wegens onjuiste wooninformatie
Appellant ontving bijstand op grond van de WWB en werd verdacht van het verstrekken van onjuiste informatie over zijn woon- en leefsituatie. Na onderzoek en huisbezoeken concludeerde het college dat appellant onvolledige informatie had verstrekt, waarna de bijstand werd ingetrokken en teruggevorderd.
De Raad beoordeelde dat er voldoende feitelijke grondslag was voor de intrekking over de periode van 9 september 2009 tot 10 juni 2010, vanwege het verblijf van meerdere personen op het uitkeringsadres en onduidelijkheid over appellant's verblijfplaats. Voor de periode van 10 juni 2010 tot en met 7 juli 2010 ontbrak echter een toereikende grondslag, omdat appellant toen weer recht had op bijstand.
De Raad vernietigde het besluit tot intrekking vanaf 10 juni 2010 en het besluit tot verlening van bijstand na 10 juni 2010, herroept deze besluiten en veroordeelt het college tot vergoeding van schade in de vorm van wettelijke rente en de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van bijstand vanaf 10 juni 2010 wordt vernietigd en het college wordt veroordeeld tot schadevergoeding en kostenvergoeding.