ECLI:NL:CRVB:2013:CA1228
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens gezamenlijke huishouding
Appellanten voerden van 10 augustus 2005 tot en met 18 oktober 2010 een gezamenlijke huishouding, ondanks dat zij op afzonderlijke adressen stonden ingeschreven. Dit werd vastgesteld op basis van onderzoek door sociale recherche, waaronder waarnemingen, energieverbruik en verklaringen van appellanten.
Het college van burgemeester en wethouders van Heerlen trok de bijstand van appellante in en vorderde de kosten terug, mede van appellant. De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit in hoger beroep.
De Raad oordeelde dat het feit dat appellanten op verschillende adressen stonden ingeschreven niet uitsluit dat zij feitelijk samenwoonden. Ook de strafrechtelijke vrijspraak van appellant wegens uitkeringsfraude deed hieraan niet af. De intrekking en terugvordering van bijstand was daarom rechtmatig en goed gemotiveerd.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand wegens gezamenlijke huishouding wordt bevestigd.