ECLI:NL:CRVB:2013:CA3036

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
5 juni 2013
Publicatiedatum
22 juni 2013
Zaaknummer
10-6170 ZW-R
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Rectificatie uitspraak Centrale Raad van Beroep over griffierechtheffing

In deze zaak heeft de Centrale Raad van Beroep vastgesteld dat in haar eerdere uitspraak van 20 maart 2013 (zaaknummer 10/6170 ZW) een essentiële beslissing ontbrak, namelijk de heffing van griffierecht van appellant. De Raad heeft partijen op 26 april 2013 schriftelijk geïnformeerd over het voornemen tot rectificatie en hen de mogelijkheid geboden hierop te reageren.

Appellant, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, heeft bij brief van 22 mei 2013 laten weten geen bezwaar te hebben tegen de rectificatie. Betrokkene heeft niet gereageerd. De Raad heeft daarop besloten de uitspraak te rectificeren door toe te voegen dat appellant een griffierecht van €448 verschuldigd is.

De rectificatie betreft een formele aanvulling op de eerdere uitspraak en heeft geen inhoudelijke gevolgen voor de zaak zelf. De beslissing is op 5 juni 2013 in het openbaar uitgesproken door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep, onder voorzitterschap van C.P.J. Goorden.

Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep rectificeert de eerdere uitspraak door toe te voegen dat appellant griffierecht van €448 moet betalen.

Uitspraak

10/6170 ZW-R
Centrale Raad van Beroep
Meervoudige kamer
Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 20 maart 2013, 10/6170 ZW
Partijen:
De Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (appellant)
[A. te B.] (betrokkene)
Datum uitspraak 5 juni 2013.
PROCESVERLOOP
De Raad heeft geconstateerd dat in zijn uitspraak van 20 maart 2013 met het registratienummer 10/6170 ZW in de beslissing ten onrechte niet is opgenomen dat van appellant griffierecht dient te worden geheven.
Partijen zijn bij brief van 26 april 2013 in de gelegenheid gesteld zich schriftelijk uit te laten over het voornemen van de Raad tot rectificatie van de uitspraak. In de brief is vermeld dat indien van een partij geen reactie wordt ontvangen de Raad ervan uitgaat dat men geen bezwaar heeft tegen de rectificatie.
Appellant heeft bij schrijven van 22 mei 2013 de Raad bericht geen bezwaar te hebben tegen de rectificatie. Namens betrokkene is niet gereageerd op de brief van 26 april 2013.
OVERWEGINGEN
Aan de beslissing wordt toegevoegd:
- bepaalt dat van appellant een griffierecht van € 448,- wordt geheven.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep rectificeert de uitspraak van 20 maart 2013, 10/6170 ZW, als in de overwegingen is weergegeven.
Deze uitspraak is gedaan door C.P.J. Goorden als voorzitter en J. Riphagen en J.J.T. van den Corput als leden, in tegenwoordigheid van R.L. Rijnen als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 5 juni 2013.
(getekend) C.P.J. Goorden
(getekend) R.L. Rijnen
JL