Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
het bezwaar te nemen met inachtneming van deze uitspraak;
toegekend zoals aangegeven in 4.14 van deze uitspraak;
bedrag van € 2.449,40;
verzoek betaalde griffierecht van in totaal € 280,- vergoedt.
Centrale Raad van Beroep
Verzoeker ontving bijstand als alleenstaande en werd geconfronteerd met een besluit tot intrekking van deze bijstand na een onderzoek naar zijn woonsituatie. Het college stelde dat verzoeker niet alleen woonde en dat de woonsituatie onduidelijk was, waardoor het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld.
Tijdens het hoger beroep stelde de voorzieningenrechter vast dat verzoeker medewerking had verleend aan huisbezoeken en inlichtingen had verstrekt over zijn woonsituatie. De verklaringen en onderzoeksbevindingen boden onvoldoende grondslag voor het standpunt van het college dat verzoeker zijn inlichtingenverplichting had geschonden of dat er sprake was van samenwoning met een andere persoon dan de bekende inwoner op zolder.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het besluit tot intrekking van de bijstand ondeugdelijk was en vernietigde het bestreden besluit. Tevens werd een voorlopige voorziening getroffen waarbij verzoeker bijstand werd toegekend naar de norm voor een alleenstaande met een toeslag van 10%, ingaande vanaf de datum van het verzoek. Het college werd opgedragen een nieuwe beslissing op bezwaar te nemen, waarbij het recht op bijstand over de te beoordelen periode en daarna opnieuw moet worden vastgesteld.
Tot slot werd het college veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van verzoeker.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de bijstand wordt vernietigd en verzoeker krijgt bijstand met toeslag toegekend als voorlopige voorziening.