ECLI:NL:CRVB:2014:1054
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verhuiskostenvergoeding wegens ontbreken causaal verband met beperkingen
Appellante, rolstoelgebonden door een hersenstambloeding, verhuisde in 2009 naar een zorgwoning en keerde begin 2013 terug naar haar koopwoning. Zij vroeg een verhuiskostenvergoeding en woonvoorziening aan op grond van de Wmo. Het college wees de vergoeding af omdat de terugverhuizing was ingegeven door financiële redenen en niet door beperkingen.
De rechtbank stelde het pgb voor woningaanpassing vast op een hoger bedrag maar handhaafde de afwijzing van de verhuiskostenvergoeding en wees schadevergoeding af wegens ontbreken van causaal verband met het bestuursbesluit. Appellante voerde in hoger beroep aan dat het advies voor de zorgwoning onjuist was en dat de woning ongeschikt was, waardoor verhuizing billijk vergoed zou moeten worden.
De Raad oordeelt dat de verhuizing niet ziet op compensatie van beperkingen en bevestigt dat de woning geschikt was. De gevorderde schadevergoeding wordt afgewezen omdat deze niet in rechtstreeks verband staat met het bestreden besluit. Ook de kosten voor rechtsbijstand zijn correct vastgesteld volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht.
Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er is geen aanleiding voor een veroordeling in proceskosten.
Uitkomst: De verhuiskostenvergoeding wordt afgewezen en de gevorderde schadevergoeding niet toegekend wegens ontbreken causaal verband.