ECLI:NL:CRVB:2014:1835
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing indicatie Begeleiding Individueel en Persoonlijke Verzorging
Appellante werd door het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) per 7 juni 2011 niet meer toegelaten tot Begeleiding Individueel (BI) en vanaf 30 november 2011 niet meer voor Persoonlijke Verzorging (PV). De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen dit besluit ongegrond, omdat het medisch onderzoek zorgvuldig was en de klachten onvoldoende geobjectiveerd.
In hoger beroep voerde appellante aan het niet eens te zijn met de rechtbank en overhandigde medische informatie van haar huisarts, psycholoog en chirurg. Het CIZ handhaafde het oordeel en leverde aanvullend medisch advies.
De Raad onderschreef het oordeel van de rechtbank dat het onderzoek zorgvuldig was en dat de medische informatie geen aanleiding gaf tot herziening. Psychische problemen kunnen adequaat worden behandeld binnen de geestelijke gezondheidszorg. De Raad stelde dat aanvullende begeleiding op grond van de AWBZ alleen mogelijk is indien een behandelplan dit noodzakelijk maakt.
Het hoger beroep werd afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellante niet langer in aanmerking komt voor Begeleiding Individueel en Persoonlijke Verzorging.