ECLI:NL:CRVB:2014:2481
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging intrekking en beëindiging AIO-aanvulling wegens onvoldoende motivering vermogen
Appellanten ontvingen bijstand en later een AIO-aanvulling, die door de Sociale verzekeringsbank (Svb) werd ingetrokken en teruggevorderd vanwege het niet melden van eigendom van een appartementencomplex in Turkije. De Raad oordeelt dat appellanten hun inlichtingenverplichting hebben geschonden door het niet melden van het onroerend goed en de verkoop daarvan.
De Svb baseerde de intrekking op de waarde van het appartementencomplex en de verkoopopbrengst, maar kon niet aannemelijk maken dat appellanten daadwerkelijk over vermogen boven de vrij te laten grens beschikten. Appellanten stelden dat de economische eigendom bij een derde lag en dat zij geen middelen uit de verkoop hadden ontvangen, maar konden dit niet met objectieve stukken onderbouwen.
De Raad vernietigt het besluit voor zover het de intrekking en beëindiging betreft wegens onvoldoende motivering, maar laat de rechtsgevolgen van het besluit in stand omdat appellanten niet aannemelijk hebben gemaakt dat zij recht hadden op AIO-aanvulling bij correcte naleving van de inlichtingenverplichting.
De Svb wordt veroordeeld in de proceskosten van appellanten en moet het betaalde griffierecht vergoeden. De uitspraak bevestigt het belang van een deugdelijke motivering en de plicht tot volledige en juiste informatieverstrekking bij sociale zekerheidsuitkeringen.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking en beëindiging van de AIO-aanvulling wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.