ECLI:NL:CRVB:2014:2682
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van uitkeringsrecht op grond van Wet WIA na medische en arbeidskundige onderzoeken
Appellant, voormalig lasser/sloper, viel uit wegens knie-, long-, spier- en psychische klachten. Na medisch onderzoek en arbeidsdeskundig advies stelde het UWV vast dat appellant geschikt was voor bepaalde functies met een verlies aan verdiencapaciteit van minder dan 35%, waardoor geen recht op WIA-uitkering bestond.
Appellant maakte bezwaar tegen deze besluiten en stelde onder meer dat de beperkingen door longklachten en psychische klachten onvoldoende waren meegenomen en dat de functies niet passend waren. De rechtbank vernietigde het eerste besluit deels wegens onzorgvuldig arbeidskundig onderzoek, maar liet de rechtsgevolgen in stand. Het tweede besluit werd door de rechtbank bevestigd.
In hoger beroep heeft de Centrale Raad van Beroep geoordeeld dat het medisch onderzoek zorgvuldig was verricht en dat de arbeidskundige onderbouwing de geschiktheid van de functies voldoende aantoonde. De Raad verwierp de stellingen van appellant over toegenomen beperkingen en ongeschiktheid en bevestigde beide eerdere uitspraken. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de eerdere uitspraken en wijst het hoger beroep af, waardoor het UWV-besluit tot afwijzing van de WIA-uitkering en ziekengeld in stand blijft.