Uitspraak
OVERWEGINGEN
Kamerstukken II2011/12, 33 162, nr. 3, p. 2). Het bestreden besluit tot beëindiging van de kinderbijslag vindt zijn grondslag dus niet in een beleidskeuze van de Svb doch in de in 4.4 en 4.5 weergegeven regelgeving en de hierop gebaseerde uiting van de regering de voorlopige toepassing van het Verdrag te willen beëindigen, zoals neergelegd in Trb. 2012, 30 van 14 februari 2012. De gronden van appellant die veronderstellen dat sprake is geweest van het zonder enige grondslag toekennen van kinderbijslag voor 2012 en het zonder enige grondslag beëindigen van de kinderbijslag in 2012 slagen mitsdien niet.