ECLI:NL:CRVB:2014:3720
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- J.J.A. Kooijman
- B. Barentsen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging eervol ontslag wegens ongeschiktheid en onherstelbare vertrouwensbreuk
Appellant was sinds 2009 werkzaam bij de provincie Utrecht en vervulde verschillende managementfuncties. Vanaf 2010 kwamen klachten binnen over zijn communicatie- en aansturingsstijl, die door medewerkers als intimiderend en onveilig werd ervaren. Ondanks coaching en pogingen tot verbetering bleef de situatie verslechteren, wat leidde tot een onwerkbare werksfeer.
In november 2011 is appellant met buitengewoon verlof gestuurd en is hem eervol ontslag verleend op grond van ongeschiktheid en een onherstelbare vertrouwensbreuk. Het college handhaafde het besluit na bezwaar, waarbij werd vastgesteld dat het college geen overwegend aandeel had in het ontstaan van de situatie die tot het ontslag leidde.
De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond en wees het verzoek om een aanvullende uitkering af. In hoger beroep bevestigde de Raad dit oordeel, oordeelde dat het college terecht buitengewoon verlof verleende en dat het ontslag gegrond was. Wel werd erkend dat het college onvoldoende toezicht hield, maar dit leidde niet tot een extra vergoeding boven de reguliere uitkering.
Uitkomst: Het eervol ontslag van appellant wordt bevestigd zonder toekenning van een aanvullende uitkering boven de reguliere regeling.