ECLI:NL:CRVB:2014:3864
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herziening bijstandsuitkering wegens niet-melding persoonsgebonden budget als inkomen
Betrokkene ontvangt sinds 2008 bijstand als alleenstaande ouder. In 2011 kreeg zij een persoonsgebonden budget (PGB) toegekend voor zorg aan haar dochter, dat zij later zonder overleg met het college terugbetaalde. Het college herzag daarop de bijstand en vorderde ten onrechte betaalde bedragen terug, omdat betrokkene het PGB niet had gemeld.
De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene gegrond omdat zij de PGB-gelden direct had terugbetaald en dus niet over middelen beschikte. De Centrale Raad van Beroep oordeelt echter dat het PGB als inkomen moet worden gezien en dat betrokkene haar inlichtingenverplichting heeft geschonden door het niet melden.
De Raad stelt dat het feit dat het PGB later is teruggevorderd door het zorgkantoor niet verandert dat betrokkene gedurende de periode over middelen beschikte. Het beroep van het college wordt gegrond verklaard en het beroep van betrokkene ongegrond. Vergoeding van proceskosten en schade wordt afgewezen.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en de herziening van de bijstand wegens niet-melding van het PGB als inkomen bevestigd.