ECLI:NL:CRVB:2014:4045
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging niet-ontvankelijkverklaring bezwaar studiefinancieringsbesluit wegens onjuiste bekendmaking
Appellant diende op 26 september 2013 een aanvraag studiefinanciering in voor een buitenlandse opleiding. De Minister wees de aanvraag bij besluit van 12 oktober 2013 af en stuurde dit besluit aan appellant zelf, terwijl appellant een gemachtigde had aangewezen die de studiefinancieringszaken behartigde.
Appellant maakte bezwaar binnen zes weken nadat hij het besluit vanuit Engeland aan zijn gemachtigde had toegezonden. De Minister verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens te late indiening. De rechtbank volgde dit oordeel en wees het beroep af.
De Centrale Raad oordeelt dat het besluit op grond van de Algemene wet bestuursrecht aan de gemachtigde had moeten worden toegezonden. Omdat het besluit niet aan de gemachtigde was gericht, begon de bezwaartermijn pas te lopen toen de gemachtigde het besluit ontving via appellant. Daarom was het bezwaar tijdig ingediend.
De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank en het bestreden besluit en draagt de Minister op opnieuw op het bezwaar te beslissen. Tevens veroordeelt de Raad de Minister in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het bezwaar tegen het studiefinancieringsbesluit is tijdig ingediend en de niet-ontvankelijkverklaring wordt vernietigd.