ECLI:NL:CRVB:2014:4290
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Eervol ontslag vrijwilliger brandweer wegens ernstig verstoorde werkrelaties
Appellant was sinds 2001 vrijwilliger bij de brandweer en bekleedde diverse leidinggevende functies. Na een conflict in 2010 legde hij zijn functie neer en werd hij door collega’s het vertrouwen ontnomen, waarna hij niet meer op de post verscheen. Pogingen tot terugkeer liepen spaak vanwege bezwaren van collega’s en de groepscommandant.
Het college liet een onderzoek uitvoeren onder collega-brandweerlieden, waaruit bleek dat het merendeel bezwaar had tegen zijn terugkeer vanwege zijn houding en gedrag. Op basis hiervan werd appellant geschorst en uiteindelijk per 9 april 2012 eervol ontslagen wegens een ernstig verstoorde werkrelatie.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat het onderzoek niet zorgvuldig was, dat hij niet betrokken was bij het onderzoek en dat het college niet bevoegd was tot ontslag. De Raad verwierp deze gronden, oordeelde dat het belang van de dienst een schorsing rechtvaardigde en dat de verstoorde verhoudingen voldoende waren aangetoond.
De Raad bevestigde het ontslagbesluit en wees het verzoek om nadeelcompensatie en schadevergoeding af. Er werd ook geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het eervol ontslag van appellant wegens ernstig verstoorde verhoudingen wordt bevestigd en het hoger beroep verworpen.