ECLI:NL:CRVB:2014:729

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
5 maart 2014
Publicatiedatum
5 maart 2014
Zaaknummer
12-3140 VALYS
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4:84 Awb
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing aanvraag hoog persoonlijk kilometerbudget wegens reisbaarheid met begeleiding

Appellant heeft een aanvraag ingediend voor een hoog persoonlijk kilometerbudget (pkb), welke door Argonaut is afgewezen. Na bezwaar heeft Argonaut het besluit gehandhaafd. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond omdat appellant ondanks zijn beperkingen met begeleiding met de trein kan reizen en de aanvraag terecht is afgewezen volgens het Protocol voor hoog persoonlijk kilometerbudget.

In hoger beroep heeft appellant aangevoerd dat zijn gezondheid is verslechterd en reizen per trein niet meer mogelijk is, met sociaal isolement als gevolg. Hij heeft geen auto en zijn echtgenote heeft geen rijbewijs. Argonaut verwees naar het oordeel van de rechtbank.

De Raad overweegt dat appellant geen wezenlijk nieuwe gronden heeft aangevoerd en zich beperkt tot herhaling van eerdere bezwaren. De medische situatie is door de bezwaararts beoordeeld en er zijn geen nieuwe medische gegevens overgelegd die het standpunt ondersteunen dat reizen met begeleiding onmogelijk is. Eventuele verslechtering na het bestreden besluit valt buiten de beoordelingsperiode.

De Raad sluit zich aan bij de motivering van de rechtbank dat de aanvraag terecht is afgewezen en dat er geen bijzondere omstandigheden zijn om van het Protocol af te wijken. Het hoger beroep wordt afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.

Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van het hoog persoonlijk kilometerbudget omdat appellant met begeleiding met de trein kan reizen.

Uitspraak

12/3140 VALYS
Datum uitspraak: 5 maart 2014
Centrale Raad van Beroep
Meervoudige kamer
Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Zwolle-Lelystad van
23 april 2012, 11/2353 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[appellant] te [woonplaats] (appellant)
Argonaut Advies B.V. (Argonaut)
PROCESVERLOOP
Namens appellant heeft C.E. van der Plas-Fitzpatrick hoger beroep ingesteld.
Argonaut heeft een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 22 januari 2014. Namens appellant is
Van der Plas-Fitzpatrick verschenen. Argonaut heeft zich laten vertegenwoordigen door
mr. E. Moerman en S.J. Heemstra, arts.

OVERWEGINGEN

1.1. Bij besluit van 24 augustus 2011 heeft Argonaut de aanvraag van appellant, strekkende tot toekenning van een hoog persoonlijk kilometerbudget (pkb) afgewezen.
1.2. Na bezwaar heeft Argonaut deze afwijzing gehandhaafd bij besluit van 12 oktober 2011 (bestreden besluit).
2.
De rechtbank heeft het beroep van appellant tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard op de grond dat - kort gezegd - Argonaut de beperkingen waardoor appellant niet zelfstandig met de trein kan reizen onderkent, maar dat hij ondanks zijn beperkingen met begeleiding met de trein kan reizen. Volgens de rechtbank heeft Argonaut de in het Protocol inzake de afhandeling van indicatieaanvragen hoog persoonlijk kilometerbudget Bovenregionaal Vervoer Gehandicapten (Protocol) juist gehanteerd en de aanvraag terecht afgewezen.
3.1.
In hoger beroep heeft appellant aangevoerd dat hij het niet eens is met het oordeel van de rechtbank. Zijn gezondheidstoestand is verslechterd en reizen per trein is voor hem niet mogelijk. Het contact met zijn op aanzienlijke afstand wonende familie is van groot belang. Sociaal isolement dreigt. Hij heeft geen auto en zijn echtgenote heeft geen rijbewijs.
3.2.
Argonaut heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.
4.
De Raad overweegt het volgende.
4.1.
Appellant heeft in hoger beroep geen wezenlijk nieuwe of andere gronden naar voren gebracht of redenen vermeld waarom de rechtbank tot een ander oordeel had moeten komen. Appellant heeft zich beperkt tot het herhalen van de in bezwaar en beroep aangevoerde gronden.
4.2.
De rechtbank heeft deze beroepsgronden in de aangevallen uitspraak afdoende besproken en genoegzaam gemotiveerd waarom Argonaut de aanvraag van appellant op goede gronden heeft afgewezen. De Raad verenigt zich met het door de rechtbank gegeven oordeel.
4.3.
De bezwaararts heeft de medische situatie van appellant ten tijde van bezwaar in zijn beoordeling betrokken. Appellant heeft in hoger beroep geen medische gegevens overgelegd ter onderbouwing van zijn standpunt dat hij toen, ook met begeleiding, niet met de trein kon reizen. Voor zover de medische situatie van appellant na het bestreden besluit verder is verslechterd, valt dit buiten de beoordelingsperiode. Niet is gebleken van andere omstandigheden die ertoe leiden dat de situatie van appellant zodanig bijzonder is dat Argonaut met toepassing van artikel 4:84 van Pro de Algemene wet bestuursrecht had moeten afwijken van het Protocol.
4.4.
Het hoger beroep slaagt daarom niet. De aangevallen uitspraak zal worden bevestigd.
5.
Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.
Deze uitspraak is gedaan door I.M.J. Hilhorst-Hagen als voorzitter en M.F. Wagner en
D.S. de Vries als leden, in tegenwoordigheid van J.C. Hoogendoorn als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 5 maart 2014.
(getekend) I.M.J. Hilhorst-Hagen
(getekend) J.C. Hoogendoorn

QH