ECLI:NL:CRVB:2014:886
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- R. Kooper
- B.J. van de Griend
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit Wuv wegens overschrijding redelijke termijn en schadevergoeding
Appellant, geboren in 1934, diende een aanvraag in op grond van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 (Wuv). Na eerdere procedures werd het bezwaar gegrond verklaard en een uitkering toegekend met een minimumgrondslag. Appellant betwistte de hoogte van de grondslag en de ingangsdatum van de uitkering.
De Raad oordeelde dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat hij door psychische klachten zijn werk had moeten beëindigen, waardoor de minimumgrondslag terecht werd toegepast. Ook wees de Raad het beroep op terugwerkende kracht van de ingangsdatum af, omdat de aanvraag niet voortkwam uit een projectmatige aanschrijving.
Verder stelde appellant dat de redelijke termijn was overschreden. De Raad concludeerde dat de totale procedure meer dan vier jaar had geduurd, ruim boven de redelijke termijn van tweeënhalf jaar, en dat de overschrijding volledig aan verweerder kon worden toegerekend. Daarom werd verweerder veroordeeld tot een schadevergoeding van €2.000 en proceskosten van €974. Het vernietigde besluit werd in rechtsgevolg gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd wegens overschrijding van de redelijke termijn, met behoud van rechtsgevolgen, en verweerder wordt veroordeeld tot schadevergoeding en proceskosten.