Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- vernietigt de aangevallen uitspraak;
- verklaart het beroep tegen het besluit van 19 juli 2012 ongegrond.
Centrale Raad van Beroep
Betrokkene vroeg een toeslag op zijn WIA-uitkering aan op grond van de Toeslagenwet (TW). De appellant, het UWV, kende de toeslag toe met ingang van de datum van aanvraag, met terugwerkende kracht tot maximaal één jaar daarvoor. Betrokkene verzocht om een terugwerkende toeslag vanaf 2007, maar dit werd afgewezen wegens het ontbreken van bijzondere omstandigheden.
De rechtbank Limburg oordeelde dat betrokkene vanwege een psychiatrische opname en langdurige psychische problemen niet in staat was tijdig de toeslag aan te vragen, en verklaarde het beroep gegrond. De Centrale Raad van Beroep stelde in hoger beroep vast dat betrokkene niet aannemelijk had gemaakt dat hij vanaf 2007 tot 2011 voortdurend niet in staat was de aanvraag te doen, mede omdat hij zelfstandig handelde bij de WIA-aanvraag en een zelfstandige huishouding voerde.
De Raad benadrukte dat onbekendheid met de regels geen bijzondere omstandigheid vormt en dat betrokkene onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hulpverleners of familie de aanvraag namens hem hadden kunnen doen. Daarom vernietigde de Raad het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de TW-uitkering wordt niet met verder terugwerkende kracht dan één jaar toegekend.