Uitspraak
OVERWEGINGEN
.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant diende op 21 december 2012 en 7 maart 2013 aanvragen om bijstand in op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Het college van burgemeester en wethouders van Delft wees beide aanvragen af vanwege onvoldoende aannemelijkheid van dakloosheid en onduidelijkheid over de woon- en financiële situatie van appellant.
Appellant gaf geen of slechts summiere antwoorden op vragen over zijn overnachtingen, verblijfplaats en geldleningen van familie en vrienden. De verklaringen van zijn broer en vriend waren onvoldoende concreet en onderbouwd, waardoor niet kon worden vastgesteld of appellant daadwerkelijk recht had op bijstand.
De voorzieningenrechter en rechtbank verklaarden de beroepen van appellant ongegrond. De Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraken, overwegende dat appellant niet heeft voldaan aan zijn inlichtingenverplichting en dat het college de aanvragen terecht heeft afgewezen.
Er is geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 26 mei 2015.
Uitkomst: De bijstandsaanvragen van appellant worden afgewezen vanwege onvoldoende informatie over woon- en financiële situatie.