ECLI:NL:CRVB:2015:1761
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen schending zorgplicht werkgever bij dienstongeval politiemedewerker tijdens training
Appellant, een politiemedewerker in opleiding, liep tijdens een training aanhoudingsvaardigheden in een leegstaand pand hoofdletsel en een zware hersenschudding op door een val over een drempel tegen een radiator. De korpschef had het incident als dienstongeval aangemerkt, maar weigerde aansprakelijkheid te erkennen wegens vermeende schending van de zorgplicht.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep. Hij stelde dat de korpschef onvoldoende maatregelen had getroffen om de veiligheid te waarborgen, zoals het verwijderen of afschermen van gevaarlijke objecten en het dragen van beschermende kleding.
De Raad oordeelde dat de zorgplicht niet vereist dat elk denkbaar risico wordt uitgesloten, maar dat redelijke maatregelen voldoende zijn. Het gebruik van een leegstaand pand met drempels en radiatoren, die niet als onaanvaardbaar gevaarlijk werden beschouwd, en het ontbreken van beschermende kleding waren niet onredelijk. De korpschef had het pand vooraf gecontroleerd en de oefening mocht realistisch zijn.
De Raad verwierp het beroep en bevestigde de eerdere uitspraak, waarmee de aansprakelijkheid van de korpschef werd ontkend. Er werd geen aanleiding gezien voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De zorgplicht van de korpschef is niet geschonden en de aansprakelijkheid wordt afgewezen.