ECLI:NL:CRVB:2015:2818
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag loopbaanpremie voor medische herplaatsingskandidaat na SB-functie
Appellant was werkzaam als medior penitentiair inrichtingswerker (piw-er), een substantieel bezwarende functie (SB-functie). In juli 2010 werd hij blijvend ongeschikt verklaard voor deze functie en als medische herplaatsingskandidaat aangewezen. Hij werd per 1 oktober 2012 herplaatst in een passende niet SB-functie.
Appellant diende een aanvraag in voor een loopbaanpremie (arrangement C) onder de Tijdelijke regeling overstap naar een niet substantieel bezwarende functie. Deze regeling is bedoeld om ambtenaren te stimuleren vrijwillig over te stappen naar een minder belastende functie, mits zij niet herplaatsingskandidaat zijn.
De minister wees de aanvraag af omdat de regeling niet van toepassing is op medische herplaatsingskandidaten die definitief niet meer in de SB-functie werken. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat dit gebruik van discretionaire bevoegdheid redelijk was en dat het bestreden besluit in stand kon blijven. De rechtbankuitspraken werden bevestigd en de proceskosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: De afwijzing van de aanvraag voor een loopbaanpremie wordt bevestigd omdat de regeling niet van toepassing is op medische herplaatsingskandidaten.