ECLI:NL:CRVB:2015:3468
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Buiten behandeling laten aanvraag bijstandsuitkering wegens ontbreken creditcardafschriften
Appellante diende op 29 augustus 2012 een aanvraag in voor bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven verzocht haar om rekeningafschriften van haar creditcard over de periode van 29 augustus 2011 tot 20 september 2012 te overleggen. Appellante verklaarde haar creditcard kwijt te zijn en legde de gevraagde afschriften niet over, ook verscheen zij niet op een gesprek om dit te bespreken.
Het college stelde de aanvraag buiten behandeling op grond van artikel 4:5 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) omdat de benodigde gegevens ontbraken. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond. In hoger beroep voerde appellante aan dat zij onvoldoende gelegenheid had gekregen om de gegevens aan te vullen en dat haar psychische gesteldheid onvoldoende was meegewogen.
De Raad oordeelde dat rekeningafschriften van de creditcard noodzakelijk zijn voor een juiste beoordeling van de aanvraag en dat de betaalrekeningafschriften niet volstaan. De Raad stelde dat appellante zelf verantwoordelijk is voor het tijdig opvragen van ontbrekende afschriften en dat zij voldoende hersteltermijnen had gekregen. De psychische gesteldheid van appellante bracht niet mee dat zij niet tijdig kon reageren of om verlenging kon verzoeken.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit om de aanvraag buiten behandeling te laten wegens het niet overleggen van de gevraagde creditcardafschriften.