Uitspraak
28 augustus 2013, 12/996 (aangevallen uitspraak)
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- vernietigt de aangevallen uitspraak;
- verklaart het beroep ongegrond.
Centrale Raad van Beroep
Betrokkene was Coördinator Jeugdzorg bij de Regionale Recherche en werd in het kader van een reorganisatie geplaatst in een vergelijkbare functie. Daarnaast vervulde hij tijdelijk de functie van Operationeel Coördinator Forensische Opsporing waarvoor een waarnemingstoelage werd toegekend. Betrokkene maakte bezwaar tegen de vaststelling van zijn uitgangspositie voor de LFNP-functie en de afwijzing van zijn aanvraag om functieonderhoud.
De rechtbank Limburg verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het bestreden besluit voor zover het de uitgangspositie betrof, omdat onvoldoende was gemotiveerd waarom de werkzaamheden van betrokkene binnen de bandbreedte van de waargenomen functie vielen. De rechtbank oordeelde dat de waarnemingsfunctie niet voor functieonderhoud in aanmerking kwam.
In hoger beroep stelde appellant dat de rechtbank innerlijk tegenstrijdig had geoordeeld en dat de uitgangspositie terecht was vastgesteld op de organieke functie van Coördinator Jeugdzorg. De Centrale Raad van Beroep bevestigde dat de waargenomen functie niet voor functieonderhoud in aanmerking komt en dat de uitgangspositie correct is vastgesteld. Het beroep van betrokkene werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak vernietigd.
De Raad oordeelde dat geen nadere motivering vereist is voor het bestreden besluit omtrent de uitgangspositie en dat betrokkene vanaf 1 september 2011 een andere functie vervulde dan de waargenomen functie. Er was geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit bevestigd.