ECLI:NL:CRVB:2015:959
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging wijziging ZW-uitkering na zwangerschap en bevalling
Appellante ontving aanvankelijk een ZW-uitkering van 100% vanwege arbeidsongeschiktheid direct gerelateerd aan zwangerschap en bevalling. Na medisch onderzoek door verzekeringsartsen en aanvullende informatie van een psycholoog concludeerde het UWV dat de arbeidsongeschiktheid per 23 april 2012 niet langer het gevolg was van zwangerschap en bevalling, waarna het uitkeringspercentage werd verlaagd naar 70%.
Appellante maakte bezwaar tegen deze wijziging, maar zowel het UWV als de rechtbank Amsterdam verklaarden het bezwaar ongegrond. De rechtbank oordeelde dat de verzekeringsarts een juiste en navolgbare afweging had gemaakt op basis van de Richtlijn zwangerschap en bevalling als oorzaak van arbeidsongeschiktheid.
In hoger beroep herhaalde appellante haar standpunt, maar de Centrale Raad van Beroep onderschreef het oordeel van de rechtbank. De door appellante overgelegde aanvullende medische informatie toonde geen causaal verband aan tussen haar psychische klachten en de zwangerschap of bevalling.
De Raad bevestigde daarom het besluit tot verlaging van de uitkering en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de verlaging van de ZW-uitkering van 100% naar 70% omdat de arbeidsongeschiktheid niet langer het gevolg is van zwangerschap en bevalling.