ECLI:NL:CRVB:2016:3280
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling geschiktheid bij herplaatsing na reorganisatie met functiereductie
Betrokkene was werkzaam bij de gemeente Almere in een functie die na een reorganisatie ongewijzigd terugkeerde, maar met een reductie in het aantal fte’s. Er waren meer kandidaten dan beschikbare arbeidsplaatsen. De selectiecommissie beoordeelde betrokkene als vakinhoudelijk voldoende, maar minder geschikt op doorslaggevende competenties zoals overtuigen en resultaatgericht handelen.
Appellant besloot betrokkene niet te plaatsen in haar eigen functie en verklaarde het bezwaar ongegrond. De voorzieningenrechter vernietigde dit besluit wegens onvoldoende motivering over de minder geschiktheid van betrokkene ten opzichte van collega’s. Appellant stelde een nieuw besluit vast, waarbij het bezwaar opnieuw ongegrond werd verklaard.
De Raad oordeelt dat appellant niet aannemelijk heeft gemaakt dat betrokkene minder geschikt was dan haar collega’s. De selectiecommissie heeft geen concrete gedragingen genoemd ter onderbouwing en de gebruikte beoordelingsgesprekken waren beperkt. De Raad bevestigt de eerdere uitspraak en vernietigt het nadere besluit, met de opdracht tot een nieuwe beslissing waarbij wordt uitgegaan van onvoldoende bewijs van minder geschiktheid.
Daarnaast veroordeelt de Raad appellant in de proceskosten van betrokkene en bepaalt dat een eventueel beroep tegen het nieuwe besluit uitsluitend bij de Raad kan worden ingesteld.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het nadere besluit vernietigd, met opdracht tot een nieuwe beslissing waarbij onvoldoende bewijs is voor minder geschiktheid van betrokkene.