Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade af.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant ontving voor 2013 een persoonsgebonden budget (pgb) van €3.024,17. Hij verantwoordde een hoger bedrag van €4.840,- dat contant aan de zorgverlener was betaald. Het Zorgkantoor stelde vast dat contante betalingen sinds 2012 niet zijn toegestaan en keurde de verantwoording af, waarna het pgb op nul werd vastgesteld en het teveel betaalde bedrag werd teruggevorderd.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond omdat hij niet voldeed aan de verplichtingen van de Regeling subsidies AWBZ, mede doordat geen gespecificeerde declaratieformulieren, bankafschriften of belastinggegevens werden overgelegd die de contante betalingen aannemelijk maakten.
In hoger beroep betoogde appellant dat het pgb wel aan zorg was besteed en dat het Zorgkantoor geen actie had ondernomen na melding van contante betalingen. De Raad oordeelde dat appellant tijdens het begeleidingsgesprek was gewezen op het verbod op contante betalingen en dat de overgelegde urenoverzichten en vervoersbewijzen onvoldoende waren om aan te tonen dat het pgb aan zorg was besteed.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde het oordeel van de rechtbank en wees het verzoek tot schadevergoeding af. Er was geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de terugvordering van het pgb en wijst het verzoek om schadevergoeding af.