ECLI:NL:CRVB:2016:5032
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging buiten behandeling stellen aanvraag bijstand wegens niet verschijnen en niet aanleveren gegevens
Appellant ontving sinds 2011 bijstand en had deze in augustus 2014 ingetrokken gekregen wegens schending van de inlichtingenplicht. In september 2014 diende hij een nieuwe aanvraag in, waarna het college hem uitnodigde voor gesprekken op 27 oktober en 4 november 2014. Appellant verscheen zonder bericht niet op deze afspraken en leverde de gevraagde gegevens niet aan.
Het college stelde de aanvraag op 4 november 2014 buiten behandeling wegens het niet verschijnen en het niet aanleveren van gegevens, een besluit dat na bezwaar werd gehandhaafd. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
In hoger beroep voerde appellant aan dat hij de aangetekende brieven niet had ontvangen vanwege postbezorgproblemen en dat het college hiermee rekening had moeten houden. De Raad oordeelde dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de afhaalberichten niet waren achtergelaten en dat het college terecht aannam dat de brieven waren ontvangen.
Ook het beroep op het zorgvuldigheidsbeginsel wegens onjuiste voorlichting door een baliemedewerkster werd verworpen. De Raad concludeerde dat het college bevoegd was om de aanvraag buiten behandeling te stellen en bevestigde de eerdere uitspraak.
Uitkomst: De aanvraag om bijstand is terecht buiten behandeling gesteld wegens het niet verschijnen op afspraken en het niet aanleveren van gevraagde gegevens.