ECLI:NL:CRVB:2016:5036
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens verzwegen onroerend goed in Marokko
Appellanten ontvingen sinds 1989 bijstand en een aanvullende inkomensvoorziening ouderen. Naar aanleiding van een melding van de Sociale Verzekeringsbank over onroerend goed in Marokko, stelde de gemeente Veenendaal een onderzoek in. Dit leidde tot de conclusie dat appellanten een woning in Marokko bezaten die zij niet hadden gemeld, waardoor het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld.
Het college herzag de bijstand en vorderde de kosten terug over de periode 1997-1999. De rechtbank oordeelde dat het college het taxatierapport uit 2012 mocht gebruiken om de waarde van de woning vast te stellen, ondanks het ontbreken van gegevens uit 1997. Appellanten stelden dat de terugvordering onevenredig was, maar dit werd verworpen.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellanten de inlichtingenverplichting hebben geschonden en dat het college terecht de bijstand introk en terugvorderde. Appellanten slaagden er niet in aannemelijk te maken dat zij recht op bijstand hadden. Ook het beroep tegen de vastgestelde maandelijkse aflossing van € 89,29 wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand worden bevestigd en het beroep tegen de aflossingsregeling wordt ongegrond verklaard.