ECLI:NL:CRVB:2016:5119
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing bijstand wegens gezamenlijke huishouding
Verzoekster, met de Nigeriaanse nationaliteit, vroeg bijstand aan bij het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam. Het college wees de aanvraag af op grond van het voeren van een gezamenlijke huishouding met een medebewoner, E. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om voorlopige voorziening af.
Verzoekster stelde dat de verklaring die zij in het Engels had afgelegd en die in het Nederlands was vastgelegd door de handhavingsspecialist, niet correct was weergegeven. De voorzieningenrechter van de Raad oordeelde dat door de taalbarrière, het ontbreken van een tolk, het ontbreken van een ambtseed ondertekend verslag, en de discrepanties tussen de verklaring en het verslag, de verklaring niet als betrouwbare basis kon dienen.
Het college had geen aanvullend onderzoek gedaan, zoals een verklaring van E of een huisbezoek. Hierdoor was het besluit onvoldoende gemotiveerd en niet deugdelijk onderbouwd. De Raad vernietigde het bestreden besluit en droeg het college op een nieuwe beslissing te nemen, waarbij het beroep tegen die beslissing exclusief bij de Raad kan worden ingesteld. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen en het college werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van bijstand wordt vernietigd.