ECLI:NL:CRVB:2016:910
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- J.J.A. Kooijman
- M.C.D. Embregts
- Rechtspraak.nl
Ontslag wegens onherstelbaar verstoorde arbeidsrelatie na reorganisatie
Appellant was werkzaam als chef personeelsadministratie bij een organisatie die een reorganisatie doorvoerde, waarbij zijn functie per 1 mei 2012 werd opgeheven en hij boventallig werd verklaard. Na bezwaar en beroep tegen het boventalligverklaringbesluit werd een ontslagbesluit genomen wegens een onherstelbaar verstoorde arbeidsrelatie, gebaseerd op een kritisch werkstuk van appellant en een gesprek in het kader van arbeidsbemiddeling.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het boventalligverklaringbesluit ongegrond en oordeelde dat het ontslag wegens de verstoorde arbeidsrelatie gegrond was. De Centrale Raad van Beroep onderschreef dit oordeel en stelde vast dat de toonzetting, woordkeus en inhoud van het werkstuk geen zakelijke weergave van feiten was en dat appellant geen afstand had gedaan van zijn uitlatingen.
Daarmee kon van het dagelijks bestuur niet redelijkerwijs worden verlangd het dienstverband voort te zetten. Het hoger beroep tegen het ontslagbesluit werd verworpen en het hoger beroep tegen het boventalligverklaringbesluit niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van belang. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het ontslag wegens een onherstelbaar verstoorde arbeidsrelatie wordt bevestigd en het hoger beroep tegen de boventalligverklaring niet-ontvankelijk verklaard.