ECLI:NL:CRVB:2017:1155
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- H.C.P. Venema
- H. Benek
- Rechtspraak.nl
Beoordeling hoger beroep inzake schadevergoeding na vernietigd ontslagbesluit bij Ministerie van Defensie
Appellant was werkzaam bij het Ministerie van Defensie en kreeg in 2002 eervol ontslag wegens ongeschiktheid, een besluit dat in 2005 werd vernietigd. Het dienstverband werd voortgezet tot 2011. Appellant verzocht om een schadevergoeding voor de gevolgen van het vernietigde ontslagbesluit. Partijen bereikten mondeling overeenstemming over een vergoeding van €75.000 netto, maar appellant tekende de vaststellingsovereenkomst niet vanwege onenigheid over de belastinggarantie.
Na diverse procedures en een niet tijdig genomen besluit, kende de minister uiteindelijk de schadevergoeding toe. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond voor het niet tijdig nemen van een besluit en kende een dwangsom toe, maar wees het beroep tegen het schadebesluit af. Appellant voerde in hoger beroep meerdere aanvullende schadeposten aan, waaronder gemiste bevorderingen, studiekosten, kosten rechtsbijstand en immateriële schade.
De Raad oordeelde dat de minister terecht alleen de overeengekomen vergoeding toekende en dat aanvullende verzoeken buiten de reikwijdte van het schadeverzoek vielen of onvoldoende waren onderbouwd. Ook de aanspraak op vergoeding van immateriële schade werd afgewezen. De Raad bevestigde het oordeel van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling toegewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd; de toegekende schadevergoeding van €75.000 netto is toereikend.