Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- veroordeelt het Uwv in de proceskosten van appellant in beroep tot een bedrag van
€ 5.314,57;
€ 1.032,22;
Centrale Raad van Beroep
Appellant had bezwaar gemaakt tegen het besluit van het UWV over zijn arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet WIA. De rechtbank Rotterdam had het beroep van appellant gegrond verklaard en het UWV veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en een schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.
In hoger beroep stond met name de toekenning van vergoeding voor kosten van ingeschakelde deskundigen ter discussie. De rechtbank had deze kosten afgewezen wegens het ontbreken van een specificatie. De Centrale Raad oordeelt dat de rechtbank appellant niet voldoende in de gelegenheid had gesteld om deze specificatie te overleggen en vernietigt dit deel van het vonnis.
De Raad stelt het aantal te vergoeden uren voor de deskundige vast en bepaalt het bedrag van de proceskostenvergoeding. Het verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn tijdens de procedure bij de Raad wordt afgewezen omdat de Raad binnen de redelijke termijn heeft gehandeld.
De Raad veroordeelt het UWV tot vergoeding van proceskosten in beroep en hoger beroep en tot vergoeding van het betaalde griffierecht. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 17 februari 2017.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten, het verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn wordt afgewezen.