Uitspraak
OVERWEGINGEN
.Niet gebleken is dat het Uwv eerder op de hoogte was van de
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak voor zover aangevochten;
- verklaart het beroep tegen het besluit van 22 januari 2015 ongegrond.
Centrale Raad van Beroep
Appellant ontving vanaf 1997 een WAO-uitkering aangevuld door de werkgever en daarnaast een aanvullende WAO-hiaatuitkering via een door de werkgever afgesloten verzekering. Appellant diende deze aanvullende uitkering te melden bij het UWV voor de toeslag op grond van de Toeslagenwet.
Appellant meldde de WAO-hiaatuitkering niet tijdig, waardoor het UWV de toeslag met terugwerkende kracht introk en een boete oplegde. De rechtbank oordeelde dat appellant de inlichtingenplicht had geschonden en dat de boete terecht was opgelegd. De rechtbank wees het beroep op verjaring af omdat het UWV pas in 2013 op de hoogte was van de uitkering.
In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep deze beoordeling. De Raad stelde vast dat appellant verplicht was de WAO-hiaatuitkering te melden, ook al betrof het een particuliere verzekering. De boete werd passend geacht gezien de grove schuld. Het beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de boete van €1.220,- wordt bevestigd.