ECLI:NL:CRVB:2017:1749
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging disciplinaire maatregel voor schending ambtsgeheim met voorwaardelijk ontslag
Betrokkene, werkzaam bij de politie, heeft vertrouwelijke informatie via zijn politie-e-mailadres doorgegeven aan een derde, wat een schending van het ambtsgeheim en plichtsverzuim oplevert. De korpschef legde aanvankelijk onvoorwaardelijk ontslag op, maar de rechtbank oordeelde dat deze straf niet evenredig was en vernietigde het besluit.
In hoger beroep bevestigt de Centrale Raad van Beroep dat de gedragingen van betrokkene plichtsverzuim vormen, maar acht het onvoorwaardelijk ontslag disproportioneel gezien de omstandigheden, waaronder het ontbreken van oneigenlijk gebruik van de informatie en het ontbreken van benadeling van derden. De Raad wijzigt de straf naar voorwaardelijk ontslag met een proeftijd van twee jaar, welke inmiddels is verstreken.
Daarnaast vernietigt de Raad het besluit tot schorsing van betrokkene, omdat dit geen rechtmatig middel is om uitvoering van de uitspraak op te schorten. De Raad veroordeelt appellant tot vergoeding van proceskosten aan betrokkene.
Uitkomst: De Raad bevestigt de schending van het ambtsgeheim en wijzigt de straf naar voorwaardelijk ontslag met een proeftijd van twee jaar, en vernietigt het besluit tot schorsing.