ECLI:NL:CRVB:2017:2321
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- E.C.R. Schut
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstand en oplegging boete wegens schending inlichtingenverplichting
Appellant ontving bijstand samen met zijn echtgenote en werkte parttime in een restaurant. Uit onderzoek van de sociale recherche bleek dat appellant meer uren werkte dan opgegeven, wat leidde tot intrekking van de bijstand, terugvordering van kosten en oplegging van een boete.
De rechtbank had het beroep deels gegrond verklaard door de boete te verminderen tot 50% van het benadelingsbedrag wegens normale verwijtbaarheid. Appellant voerde aan dat hij niet de inlichtingenverplichting had geschonden omdat hij niet altijd op geld waardeerbare arbeid verrichtte.
De Raad oordeelt dat aanwezigheid tijdens reguliere uren de veronderstelling van verrichte arbeid rechtvaardigt en appellant dit niet heeft weerlegd. De schending van de inlichtingenverplichting rechtvaardigt intrekking en terugvordering van de bijstand. De boete is proportioneel en passend bij normale verwijtbaarheid. Het hoger beroep wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand en de boete van 50% van het benadelingsbedrag worden bevestigd.