ECLI:NL:CRVB:2017:2442
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Toepassing kostendelersnorm bij gezamenlijke huurovereenkomst zonder zakelijke relatie
Appellant ontvangt bijstand op grond van de Participatiewet en het college heeft zijn bijstand verlaagd vanwege toepassing van de kostendelersnorm, omdat appellant samenwoont met zijn moeder in één woning. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en appellant ging in hoger beroep.
De Raad beoordeelde dat de kostendelersnorm van toepassing is tenzij sprake is van een uitzondering waarbij bewoners een zakelijke relatie hebben op basis van afzonderlijke commerciële huurovereenkomsten met dezelfde verhuurder. In deze zaak is er echter slechts één gezamenlijke huurovereenkomst met één prijs, waarbij appellant en zijn moeder hoofdelijk aansprakelijk zijn en geen zelfstandige rechtsposities hebben.
Daarmee is niet voldaan aan de uitzonderingsbepaling en is de kostendelersnorm terecht toegepast. Het hoger beroep wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de kostendelersnorm terecht is toegepast en het beroep ongegrond is verklaard.