ECLI:NL:CRVB:2017:3120
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Toepassing kostendelersnorm bij commerciële huurprijs volgens forfaitaire berekening
Betrokkene ontvangt bijstand en huurt een kamer voor €350 per maand van een derde. Het college past de kostendelersnorm toe, maar stelt dat de huurprijs commercieel is en dat betrokkene daarom geen kosten deelt met de verhuurder. De rechtbank vernietigt dit besluit, omdat het college onvoldoende heeft onderbouwd dat sprake is van een commerciële huurprijs, mede vanwege de gehanteerde forfaitaire berekening en het ontbreken van bewijs voor de toerekening van energiekosten.
In hoger beroep stelt het college dat de forfaitaire methode waarbij 60% van de all-in huurprijs als kale huur wordt gezien en 40% als verbruikskosten, passend is en dat de huurovereenkomst en betalingsbewijzen een zakelijke relatie bevestigen. De Raad beoordeelt dat de forfaitaire methode niet buiten redelijke wetsuitleg valt en dat vanaf 1 oktober 2015 de huurprijs van €250 kale huur plus €100 voor gas, water en elektra als commercieel moet worden aangemerkt.
De Raad vernietigt het vonnis van de rechtbank voor zover het de periode 6 augustus 2015 tot 1 oktober 2015 betreft, bevestigt de toepassing van de kostendelersnorm in die periode en veroordeelt het college in de proceskosten van betrokkene. De overige bezwaren tegen het bestaan van een zakelijke relatie worden verworpen.
Uitkomst: De kostendelersnorm wordt toegepast over de periode van 6 augustus 2015 tot 1 oktober 2015 en het college wordt veroordeeld in de proceskosten.