ECLI:NL:CRVB:2017:3446
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling procesbelang bij bezwaar tegen maatwerkvoorziening huishoudelijke hulp na verhuizing
Appellante kreeg van het college van burgemeester en wethouders van Zwolle een maatwerkvoorziening voor huishoudelijke hulp toegekend voor de periode van januari tot juli 2016. Zij maakte bezwaar tegen de toegekende uren. In juni 2016 verhuisde zij naar een andere gemeente. Het college verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van procesbelang, omdat het beoogde resultaat niet meer bereikt kon worden.
De rechtbank bevestigde deze beslissing en oordeelde dat appellante geen schade had geleden die een procesbelang zou rechtvaardigen. In hoger beroep stelde appellante dat zij meer hulp nodig had en dat zij haar zussen deels contant had betaald voor huishoudelijk werk, maar kon dit niet concreet onderbouwen.
De Raad onderschreef het oordeel van de rechtbank dat het ontbreken van concrete onderbouwing van schade betekent dat appellante geen procesbelang heeft bij haar verzoek om schadevergoeding. Het hoger beroep werd verworpen en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en het verzoek om schadevergoeding afgewezen wegens gebrek aan procesbelang.