ECLI:NL:CRVB:2017:364
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Stehouwer
- E.C.R. Schut
- J.L. Boxum
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsaanvragen wegens onvoldoende inzicht in financiële situatie
Appellant diende in 2014 drie aanvragen om bijstand in, die alle door het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam werden afgewezen wegens het niet nakomen van de inlichtingenplicht. De aanvragen betroffen de periodes van 8 juli tot 18 augustus, 1 tot 23 september en 3 tot 22 oktober 2014.
De Raad beoordeelde of appellant aannemelijk had gemaakt dat hij in bijstandbehoevende omstandigheden verkeerde. Essentieel daarbij was de financiële situatie van appellant, die hij onvoldoende inzichtelijk had gemaakt. Hij verklaarde inconsistent over leningen en giften van familieleden, waarbij de aard en terugbetalingsafspraken van deze leningen onduidelijk bleven.
Volgens vaste jurisprudentie kan bijstand worden geweigerd indien de aanvrager niet voldoet aan de medewerkingsplicht en daardoor het recht op bijstand niet kan worden vastgesteld. De Raad concludeerde dat appellant niet voldeed aan deze verplichting, waardoor het college terecht de aanvragen afwees. De aangevallen uitspraken van de rechtbank Amsterdam werden bevestigd en de hoger beroepen ongegrond verklaard.
Uitkomst: De bijstandsaanvragen zijn terecht afgewezen wegens onvoldoende duidelijkheid over de financiële situatie van appellant.