ECLI:NL:CRVB:2017:3791
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid hernieuwd bezwaar tegen aanstellingsbesluit ambtenaar
Appellante was per 1 augustus 2014 aangesteld als leraar met een bepaalde salarisschaal en deeltijdfactor. Na bezwaar tegen dit aanstellingsbesluit verklaarde het bestuur dit bezwaar ongegrond. Later verleende het bestuur ontslag wegens onbekwaamheid. Appellante maakte bezwaar tegen het ontslag en herhaalde haar bezwaar tegen het aanstellingsbesluit.
Het bestuur verklaarde het hernieuwde bezwaar tegen het aanstellingsbesluit niet-ontvankelijk en wees het bezwaar tegen het ontslag ongegrond. De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze beslissing ongegrond. In hoger beroep stelde appellante dat zij te weinig salaris ontving, onjuiste salarisspecificaties kreeg, onjuist was ingeschaald, en dat sprake was van discriminatie en schending van eigendomsrechten.
De Raad oordeelde dat het systeem van de Algemene wet bestuursrecht niet toestaat tweemaal inhoudelijk te beslissen op bezwaar tegen hetzelfde besluit. Daarom was het hernieuwde bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard. De Raad gaf geen inhoudelijk oordeel over de inschaling, deeltijdfactor, discriminatie of eigendomsrechten en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hernieuwde bezwaar tegen het aanstellingsbesluit is terecht niet-ontvankelijk verklaard en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.