ECLI:NL:CRVB:2017:4148
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring bezwaar wegens overschrijding wettelijke termijn bij UWV-besluiten
Appellant maakte bezwaar tegen meerdere besluiten van het UWV inzake terugvordering van onverschuldigde uitkeringen en intrekking van WAO-uitkeringen over verschillende periodes. Het UWV verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de wettelijke termijn voor het indienen van bezwaar.
De rechtbank Amsterdam oordeelde dat appellant de besluiten eerder had ontvangen dan hij stelde, en dat het bezwaar daardoor te laat was ingediend. Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij pas eind oktober 2014 op de hoogte was geraakt en dat de besluiten niet correct waren bekendgemaakt, omdat deze naar een adres waren gestuurd waar hij niet woonde.
De Raad stelde vast dat appellant een verhuizing had gemeld aan het UWV en dat het UWV mocht aannemen dat hij op het opgegeven adres woonde. Het niet ophalen van aangetekende post was voor risico van appellant. Daarnaast was er bewijs dat besluiten aan een deurwaarder waren betekend op het juiste adres, waardoor appellant tijdig kennis had kunnen nemen van de besluiten.
De Raad bevestigde het oordeel van de rechtbank dat het bezwaar terecht niet-ontvankelijk is verklaard wegens overschrijding van de bezwaarperiode. Er was geen aanleiding voor een veroordeling in proceskosten.
Uitkomst: Het bezwaar van appellant is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de wettelijke termijn.