ECLI:NL:CRVB:2017:4508
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot schadevergoeding wegens rechtmatig re-integratiebesluit
Appellant heeft zich gemeld voor bijstand en kreeg een re-integratiebesluit opgelegd door het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven, waarin hij verplicht werd een traject te volgen. Tegen dit besluit is geen bezwaar gemaakt. Later werd de aanvraag om bijstand buiten behandeling gesteld, waarna appellant een verzoek tot schadevergoeding indiende wegens vermeende zinloze werkzaamheden zonder bijstand.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het besluit tot afwijzing van het schadeverzoek ongegrond, uitgaande van de rechtmatigheid van het re-integratiebesluit. In hoger beroep stelde appellant dat hij vanwege zijn afhankelijke positie geen bezwaar kon maken tegen het re-integratiebesluit en dat hij recht had op schadevergoeding wegens onevenredige gevolgen.
De Raad oordeelde dat het re-integratiebesluit rechtmatig is en dat het college niet bevoegd was om bezwaar tegen het schadebesluit te behandelen. Het bezwaarschrift had als verzoekschrift aan de rechtbank moeten worden doorgezonden. Omdat geen onrechtmatig besluit is vastgesteld, kan het schadeverzoek niet worden toegewezen. Ook het subsidiaire beroep op schadevergoeding wegens onevenredige gevolgen faalt, mede omdat bijstand inmiddels is toegekend.
De Raad vernietigt de aangevallen uitspraak, verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en wijst het verzoek om schadevergoeding af. Appellant krijgt geen proceskostenvergoeding vanwege onjuiste rechtsgang en eigen verantwoordelijkheid.
Uitkomst: Het verzoek om vergoeding van schade wordt afgewezen omdat het re-integratiebesluit rechtmatig is en geen bezwaar is gemaakt.