Uitspraak
10 maart 2015, 14/2470 (aangevallen uitspraak)
Centrale Raad van Beroep
De gemeente Rijssen-Holten ontving voor 2011 een Wsw-uitkering gebaseerd op een taakstelling van 174,25 arbeidsjaren. Bij de verantwoording over 2011 bleek echter dat slechts 164,15 arbeidsjaren waren gerealiseerd, wat leidde tot een terugvordering van €260.156 door de staatssecretaris. De gemeente stelde dat er een fout was gemaakt in de SiSa-bijlage, waarbij begeleid werkenplekken niet waren meegerekend, waardoor het werkelijke aantal arbeidsjaren 171,34 zou zijn. Deze correctie werd echter pas in de bezwaarprocedure gemeld, buiten de wettelijke termijn.
De Raad oordeelde dat de staatssecretaris terecht uitging van de verantwoordingsinformatie die op 30 september 2013 beschikbaar was en dat correcties die later werden ingediend niet in aanmerking konden worden genomen. De fout in de SiSa-bijlage was niet een kennelijke fout en kon niet worden toegerekend aan de gemeente. De terugvordering is een dwingendrechtelijke maatregel zonder ruimte voor belangenafweging en is niet in strijd met het Europees Handvest inzake lokale autonomie.
De Raad bevestigde daarmee het bestreden besluit en verwierp het beroep van de gemeente. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De terugvordering van de Wsw-uitkering wordt bevestigd en het hoger beroep wordt afgewezen.