Uitspraak
17.5305 AW
OVERWEGINGEN
- Appellant heeft op 11 juli 2016 bij het voorstellen van O, een medewerkster van het Openbaar Ministerie (OM), haar geen hand gegeven op grond van haar (religieuze) afkomst;
- Appellant heeft op 12 juli 2016 aan een collega gevraagd of O die dag werd voorgeleid en of zij wel was gescreend. Daarnaast heeft appellant tegen die collega gezegd: “Ik heb gewoon niet zoveel met die mensen. Het is al eerder misgegaan. Zeg er maar niets over tegen de rest.” Deze opmerkingen zijn gemaakt in het licht van de etnische en / of religieuze afkomst van O;
- Appellant heeft op 15 juli 2016 tegen een andere collega gezegd: “Je weet toch hoe dat gaat, ze zijn beïnvloedbaar van buitenaf, we hebben er meer van gehad. Het zal niet de eerste zijn.” Op haar vraag waarop dit was gebaseerd heeft appellant geantwoord: “De tijd zal het leren.”