Uitspraak
16.671 WIA
18 april 2018 overgelegd.
OVERWEGINGEN
BESLISSING
R.P.W. Jongbloed als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op
26 september 2018.
Centrale Raad van Beroep
Appellant, voormalig lasser/slijper, ontving een WGA-vervolguitkering op basis van een arbeidsongeschiktheid van 44%. Na een claim tot toegenomen arbeidsongeschiktheid handhaafde het UWV het arbeidsongeschiktheidspercentage en de restverdiencapaciteit. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, oordelend dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en de beperkingen niet onderschat.
In hoger beroep stelde appellant dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was en dat zijn beperkingen groter waren dan aangenomen, onderbouwd met medische stukken van na de datum in geding. De Raad onderschreef het oordeel van de rechtbank dat deze informatie geen steun bood voor een urenbeperking.
De arbeidskundige beoordeling toonde echter dat de functie productiemedewerker niet geschikt was vanwege overschrijding van fysieke belastingen zoals duwen, trekken en staan. Hierdoor verandert de mediane loonwaarde en daarmee de restverdiencapaciteit. Het bestreden besluit en de aangevallen uitspraak worden vernietigd en het UWV wordt opgedragen de restverdiencapaciteit opnieuw te berekenen.
De Raad bepaalt dat beroep tegen het nieuwe besluit slechts bij hem kan worden ingesteld en veroordeelt het UWV in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het besluit over de restverdiencapaciteit wordt vernietigd en het UWV moet deze opnieuw berekenen.