ECLI:NL:CRVB:2018:3454
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing vergoeding dyslexiebehandeling op grond van Jeugdwet
Betrokkene vroeg het college vergoeding voor dyslexiebehandeling wegens ernstige enkelvoudige dyslexie (EED). Het college wees dit af omdat de diagnose niet volgens het Protocol Dyslexie Diagnostiek en Behandeling 2.0 was gesteld, dat als vaste gedragslijn geldt voor vergoeding onder de Jeugdwet.
De rechtbank had het college veroordeeld tot vergoeding omdat het Protocol volgens haar niet passend was en betrokkene voldoende had aangetoond dat zij EED had. Het college ging in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Raad overwoog dat dyslexie als psychische stoornis onder de Jeugdwet valt en dat het college binnen de wettelijke ruimte het Protocol mag hanteren. De schoolverwijzing is een noodzakelijke voorwaarde voor vergoeding. Betrokkene kon niet worden verwezen omdat haar schoolresultaten niet voldeden aan het Protocol, ondanks dat Van Waterschoot dyslexie had vastgesteld.
Het college had geen concrete toezegging gedaan over vergoeding, zodat het vertrouwensbeginsel niet opging. De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep ongegrond, maar bepaalde dat de reeds vergoede behandelingen niet worden teruggevorderd.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot afwijzing van vergoeding dyslexiebehandeling wordt ongegrond verklaard.