ECLI:NL:CRVB:2018:35
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek tot terugwerkende WAO-uitkering wegens bipolaire stoornis
Appellant was sinds 1990 werkzaam als accountmanager en meldde zich in 1999 ziek wegens een manische decompensatie. Hij kreeg een WAO-uitkering toegekend, die in 2001 werd ingetrokken vanwege een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%. Na diverse periodes zonder uitkering en medische beoordelingen stelde appellant in 2014 een verzoek tot herbeoordeling van zijn WAO-recht.
Het Uwv stelde een WAO-uitkering toe met ingang van 6 maart 2013, waarop appellant bezwaar maakte vanwege de wens tot terugwerkende kracht vanaf 2 september 2002. De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond, omdat geen nieuwe feiten waren aangevoerd en de medische beoordeling zorgvuldig was.
In hoger beroep voerde appellant aan dat zijn bipolaire stoornis hem belemmerde eerder een aanvraag te doen en dat het Uwv ten onrechte de uitkering had ingetrokken. De Raad oordeelde dat er geen sprake was van nieuwe feiten of een bijzonder geval dat een eerdere ingangsdatum rechtvaardigt. De medische rapporten en functionele mogelijkhedenlijst ondersteunen de beslissing van het Uwv. Het hoger beroep wordt daarom afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de ingangsdatum van de WAO-uitkering blijft 6 maart 2013.