ECLI:NL:CRVB:2018:4188
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens verzwegen onroerend goed en inkomsten
Naar aanleiding van een anonieme melding over het bezit van onroerend goed in Nigeria en het verrichten van schoonmaakwerkzaamheden, heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de bijstand van appellante ingetrokken en de kosten teruggevorderd over de periode van april 2013 tot september 2016.
Appellante had nagelaten deze relevante feiten te melden, waardoor het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat appellante haar inlichtingenverplichting had geschonden. Zij had bovendien geen aannemelijke gronden voor haar verklaring dat zij onder druk was gezet.
In hoger beroep heeft appellante geen nieuwe gronden aangevoerd die de gemotiveerde beoordeling van de rechtbank konden weerleggen. De Centrale Raad van Beroep sluit zich aan bij het oordeel van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot intrekking en terugvordering bevestigd.