ECLI:NL:CRVB:2018:753
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing Wajong-uitkering wegens ontbreken nieuwe feiten of toegenomen arbeidsongeschiktheid
Appellant, geboren in 1989, vroeg in 2009 een Wajong-uitkering aan na een scooterongeluk. Na toekenning in 2010 werd de uitkering in 2013 ingetrokken wegens minder dan 25% arbeidsongeschiktheid. Een hernieuwde aanvraag in 2014 werd afgewezen omdat geen nieuwe feiten of toegenomen arbeidsongeschiktheid waren vastgesteld.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarbij werd geoordeeld dat de medische gegevens geen aanleiding gaven tot herziening van de intrekking. Appellant voerde in hoger beroep aan dat zijn lichamelijke en psychische klachten waren toegenomen, maar de Raad oordeelde dat de medische rapporten dit niet bevestigden.
De Raad overwoog dat het bestuursorgaan zorgvuldig en gemotiveerd had gehandeld en dat het motiveringsgebrek in het bestreden besluit was hersteld. Het hoger beroep werd afgewezen, de eerdere uitspraak bevestigd en het Uwv veroordeeld in de proceskosten. Het verzoek tot schadevergoeding werd afgewezen.
Uitkomst: De afwijzing van de aanvraag voor herleving van de Wajong-uitkering wordt bevestigd wegens ontbreken van nieuwe feiten of toegenomen arbeidsongeschiktheid.