Uitspraak
17 8193 PW
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- vernietigt de aangevallen uitspraak;
- verklaart het beroep ongegrond;
- veroordeelt het college in de kosten van appellant in hoger beroep tot een bedrag van
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant ontving bijstand op grond van de Participatiewet en verrichtte vanaf augustus 2016 werkzaamheden bij een supermarkt. Het college verrekende 75% van zijn inkomsten met de bijstand, waarbij 25% werd vrijgelaten conform artikel 58 lid 3 PW Pro. Appellant maakte bezwaar tegen de uitkeringsspecificaties, maar deed dit buiten de wettelijke termijn. De rechtbank verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens te late indiening.
In hoger beroep stelde appellant dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was vanwege het ontbreken van een rechtsmiddelenverwijzing op de uitkeringsspecificaties. De Raad oordeelde dat dit beroep slaagt en vernietigde de uitspraak van de rechtbank. Vervolgens beoordeelde de Raad inhoudelijk het bezwaar en concludeerde dat de verrekening van de inkomsten rechtmatig was en binnen de wettelijke kaders viel.
Appellant voerde aan dat het college hem had toegezegd dat hij tot €198,- per maand mocht bijverdienen zonder gevolgen voor zijn bijstand, een beroep op het vertrouwensbeginsel. De Raad verwierp dit, omdat geen ondubbelzinnige toezegging was gedaan. De Raad veroordeelde het college tot vergoeding van de kosten van appellant in hoger beroep.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de verrekening van inkomsten met bijstand is rechtmatig.