Uitspraak
17.6208 WIA
mr. Driessen verschenen. Het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. W.J. Belder.
OVERWEGINGEN
.De Raad onderschrijft het oordeel van de rechtbank en de daaraan ten grondslag gelegde overwegingen. Daaraan wordt toegevoegd dat de behandelend psychiater in zijn brieven van 24 april 2012,
.Uit het rapport van de primaire arts van 10 juni 2016 blijkt dat deze arts de handen van appellante heeft onderzocht en niet veel beperkingen heeft kunnen vaststellen. Over de nekklachten kan worden opgemerkt dat ook in hoger beroep geen uitslag van de MRI uit 2016 is ingebracht. Het Uwv heeft op goede gronden geconcludeerd dat er geen aanknopingspunten bestaan voor de conclusie dat appellante meer beperkingen uit dezelfde ziekteoorzaak heeft als het geval was ten tijde van de beëindiging van haar WIA-uitkering.