ECLI:NL:CRVB:2019:3205
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- L.M. Tobé
- R.M. van Male
- A.T. Marseille
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag nieuwe elektrische fiets wegens algemeen gebruikelijke voorziening
Appellante, die beperkingen ondervindt bij het zich verplaatsen over korte en middellange afstanden, beschikte sinds 2013 over een elektrische fiets toegekend door het college van burgemeester en wethouders van Delft op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015).
Na technische afkeuring van haar elektrische fiets in april 2017 verzocht appellante het college om een nieuwe fiets. Het college wees dit verzoek af omdat een elektrische fiets volgens vaste rechtspraak een algemeen gebruikelijke voorziening is die tot het normale uitgavenpatroon behoort, en appellante voldoende inkomen heeft om deze zelf aan te schaffen.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond. Appellante stelde in hoger beroep dat haar medische situatie niet was veranderd maar verslechterd en dat het college het eerdere besluit niet mocht beëindigen. De Raad oordeelde dat het college het verzoek terecht als een nieuwe aanvraag heeft behandeld en dat de afwijzing terecht was omdat de voorziening algemeen gebruikelijk is. Het hoger beroep slaagde niet en de uitspraak van de rechtbank werd bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van de aanvraag voor een nieuwe elektrische fiets wordt bevestigd.